De roeping van de voorzittershamer
De roeping van de voorzittershamer

Elk weekend wordt er op en rond de velden geschiedenis geschreven. Vaak vluchtig, soms verankerd in symbolen. Clubschatten dus. Opdat de verhalen worden doorverteld. Deze week in de Schatkamer: de voorzittershamer van Toofan.
Johan Gangadajal (71) vouwt het witte papiertje in zijn hand open. Voor hem verschijnt de opstelling van Toofan 1, die de trainer zojuist met pen heeft neergekrabbeld. ,,Kijk, twee spitsen,” zegt hij. ,,Vorige week speelden we met één spits en verloren we met 4-0. De backs van de tegenstander konden vrijuit opkomen.”
Handen schudden
Elke donderdag bespreekt Gangadajal met de trainer de wedstrijd van het vorige weekend. Dat mag, als je al 46 jaar voor gaat in de vereniging. Niet dat hij de opstelling wil bepalen. ,,Een trainer heeft ook een klankbord nodig,” zegt Gangadajal. Daarna met een ondeugend lachje: ,,Maar hij heeft wel geluisterd.”
De conversatie op zich is een wonder, hier op het J.C. Gangadajalpad, een strook tussen het kleedkamergebouw en het eerste veld, waar je op weg naar de kantine langs moet. De stroom van handen schudden lijkt oneindig. Jong en oud stoppen om de voorzitter te groeten. Hij stelt voor om naar de bestuurskamer te gaan. Daar is het rustig.
Wervelwind
Aan de muur hangt een vergeelde foto. Gangadajal – een twintiger nog – poseert trots tussen zijn teamgenoten, voornamelijk Hindoestaanse Surinamers. “We hadden toen maar twee elftallen, dus ik kon nog net meedoen met het eerste.” Beginjaren zestig kwamen veel jonge Surinamers naar Nederland om te studeren. Ze zochten elkaar op om te voetballen, muziek te maken en, misschien wel het belangrijkste, te praten over thuis.
In de grote steden zie je in die periode dan ook veel Surinaamse verenigingen ontstaan. Real Sranang in Amsterdam, Real Parbo in Rotterdam. En ook Den Haag was op 20 juli 1962 een voetbalclub rijker: SSV Toofan, vernoemd naar een bestaande vereniging uit Paramaribo. ,,Toofan betekent wervelwind,” zegt Gangadajal. ,,Het is een afgeleide van tyfoon.”
Hamer
Hij kwam twee jaar na de oprichting van de club naar Den Haag om een studie te volgen aan het Instituut voor Sociale Wetenschappen. ,,Ik merkte in Suriname dat een Nederlandse diploma meer aanzien had." Maar Gangadajal zou niet terugkeren. Hij werd beleidsmedewerker op het ministerie van Sociale Zaken. En al in het jaar van aankomst, voorzitter van Toofan. Het moment staat hem nog helder voor ogen. ,,Tijdens de algemene ledenvergadering plaatste ik een aantal kritische noten en toen zei men: ,Als je het zo goed weet, waarom word je dan geen voorzitter?' Dan kun je geen nee zeggen.”
Het vervulde hem ook met trots, want van twee stukjes hardhout fabriceerde hij een voorzittershamer. ,,Die ligt hier nog," zegt Gangadajal. Hij rommelt wat in een bureaula en tovert het kleinood tevoorschijn: het is prachtig in zijn zelfgemaakte eenvoud. Een rechthoekig blokje op een rond staafje, aan de uiteinden bewerkt om orde te kunnen houden in de chaos van een bestuursvergadering.
Guinness Book of Records
Dat doet Gangadajal nu al bijna tweederde van zijn leven, 46 jaar lang op democratische wijze: ,,Ik treed elk jaar af.” Geen voorzitter in Nederland zal langer aan het roer van een vereniging staan. ,,Sommige mensen zeggen dat ik me moet melden bij een of ander boek. Hoe heet dat? Het Guinness Book of Records?”
Niet dat hij nooit is onderscheiden. Van de KNVB kreeg Gangadajal de Gouden Speld. En het heeft ook de koningin behaagd om hem te ridderen voor zijn inzet voor het amateurvoetbal. Dat gaat verder dan Toofan.
Ontwikkelingshulp
Beginjaren zestig was een donkere man een bezienswaardigheid, zeker in het aanpalende Westland. En plotseling stond daar een heel elftal Surinamers in Naaldwijk of 's Gravezande. Gangadajal voelde de spanning maar kroop niet in zijn schulp. Ondanks studie en voorzitterschap vond hij nog een gaatje in zijn vrije tijd om te gaan fluiten en zitting te nemen in de tuchtcommissie van de Haagse Voetbalbond. ,,Bij Vitesse Delft floot ik ooit een beslissingswedstrijd en mijn twee grensrechters waren ook Surinamers. Drie zwartjes stappen de bestuurskamer binnen. De gesprekken verstomden waarop ik zei: 'Heren, hier is de ontwikkelingshulp.'”
Gedachtig de naam leidde Gangadajal zijn club door de vele stormen van fusies en dreigende verhuizingen. Toofan speelt nog altijd op sportpark Ockenburgh, de plek waar het allemaal begon en waar in de jaren zeventig een immense kantine werd gebouwd. Elke zondagmorgen is de voorzitter de eerste die de vlag hijst. Onderweg naar het veld heeft hij bij de bakker verse broodjes gehaald. Dat verveelt nooit, maar hij ziet het ook als zijn plicht: ,,Als je de capaciteiten hebt om een bestuursfunctie te vervullen, dan mag je het niet nalaten.”
Vijftig
Gangadajal voelt langzaam maar zeker dat hij zijn plicht heeft vervuld. ,,Ik denk dat het nu wel eens tijd wordt om te stoppen.” Aan de andere kant: vijftig jaar voorzitterschap is ook een mooi streven. En de jeugd staat ook niet te popelen om het over te nemen. Dat de trainer het weet.
reageren
meest gelezen
Daar sta je dan. Je hebt als meisje net een lekkere pot voetbal...
De nieuw uitgeleverde (doelgroepgerichte) e-mailabonnementen zijn per...
meeste reacties
De competitie-indeling veldvoetbal voor het seizoen 2011/’12 is...
Ze vormen het cement van de vereniging en zijn onmisbaar voor iedere...
-
Martin van Rooden(0)
-
Paul(0)
-
De Voorzitter(3)
-
De Voorzitter(3)
-
De Voorzitter(3)
-
De Voorzitter(3)
-
De Voorzitter(3)
-
De Voorzitter(3)
-
De Voorzitter(3)
-
Frank(0)








.jpg)


